roei.app

Afstellen

Achter het werk afstand

Begrip: De afstand gemeten in de lengterichting van de boot tussen het hart van de dolpen en de achterzijde van het bankje wanneer de roeier met gestrekte benen zit. De afstand achter het werk wordt bepaald door de beenlengte van de roeier, de afstelling van het voetenbord en de dolpositie ten opzichte van de voor/achterpunt. Hiermee kunnen de hoeken van in- en uitpik worden bepaald.  
Maten: Gemeten in centimeters: 60 cm–67 cm
Effect:
+ Meer achter het werk geeft een lichtere inpik en een zwaardere uitpik.
Minder achter het werk geeft een zwaardere inpik en een lichtere uitpik.
Meten: Het gemakkelijkst wordt deze stand gemeten, door op de boot een stuk plakband te bevestigen met daarop een centimeterverdeling. Wanneer de roeier met uitgetrapte benen zit, kan hij vervolgens zelf eenvoudig vaststellen hoe veel hij achter het werk zit. Bij het begrip “door het werk” is aangegeven hoe het aanlegvlak van de dol op de boot kan worden gemarkeerd. Op een strook plakband wordt met merkstift een centimeterschaal gemaakt, (bijvoorbeeld van 60cm tot 70cm). Deze strook plakband wordt vervolgens met behulp van een rolmaat op de juiste positie geplakt. Bij het begrip door het werk (zie: Door het werk) is aangegeven hoe de hartpositie van de dol op de boot kan worden gemarkeerd.

werk
De afstanden door het werk en achter het werk

Stellen: Via vleugelmoeren onder de slidings, in samenhang met het voetenbord. De stand wordt gesteld door het voetenbord naar voren of achteren te stellen, dan wel–indien de boot dat toelaat–de dol naar voren of achteren te zetten.

Maximale door het werk afstand
Voetenbordhoek

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

.