roei.app

Oefenvormen

Beheersing – Boot over één boord leggen

Oefen: De boot drie halen op bakboord leggen, drie halen recht leggen, drie halen op stuurboord leggen en weer drie halen recht, enzovoort. Dus: bakboord – recht – stuurboord – recht. Belangrijk is dat de boot bij de inpik subtiel op het boord gelegd wordt, zodat watervrij roeien mogelijk blijft.
Boordroeien: ene boord dieper wegzetten en handen dieper door de boot, ander boord hoger aanhalen & hoger inpikken.
Scullen naar bakboord: door de handen verder uit elkaar te houden.
Scullen naar stuurboord: door de handen tijdens haal en recover tegen elkaar aan te laten tikken en tevens voor de inpik de linkerhand dieper de boot in te duwen en bij de eindhaal de rechterhand hoger aan te halen. 
Doel: Leren om actief balans te houden door te hendelen. Leren om balansverstoringen (boordroeien en scullen) bij de in- en uitpik te herstellen door de boot weer recht te leggen.
Let op: Scullers hebben tijd nodig om te leren de boot op stuurboord te leggen. Het is daarom verstandig dit eerst onder de knie te krijgen, door de boot permanent op stuurboord te leggen. Daarnaast stelt deze oefening hoge eisen aan scullploegen. Indien niet alle roeiers in staat zijn om de boot op een boord te leggen, zal de boot niet of nauwelijks reageren. In dat geval is het verstandig om ze dit eerst in skiff of C1 te leren.
Focus: Let op de boot: ligt deze consequent scheef/blijft deze helemaal recht. Zorg er voor dat dat strak bij de inpik (of uitpik) gebeurt.
Variatie: Voer de oefening uit in twee halen of slechts één haal.
De roeier(s) legt/leggen (op aangeven van de stuur) de boot niet bij de inpik maar bij de uitpik scheef dan wel recht.
Ploegen: de stuur leunt op een willekeurig moment over naar een van de boorden en introduceert daarmee een balansverstoring. De ploeg legt de boot weer recht. 

Beheersing – Afstand in minimaal aantal halen
Beheersing – Hoogspoelen

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

.