roei.app

Modern motorisch leren

De afgelopen tien jaar zijn de inzichten op het gebied van motrisch leren aanzienlijk gewijzigd. Deze inzichten hebben de wijze van coachen binnen de roeiwereld echter nauwelijks veranderd. Daar brengt de roei.app - met de update van eind 2018 - verandering in. Bij zowel de 3-staps interventie als het 5-staps leerproces heeft dat motorisch leren centraal gestaan. 

Uitgangspunt bij modern motorisch leren is dat de roeiers leren op basis van motorische ervaring die ze tijdens het oefenen opdoen. Dit heet impliciet leren. Door de extremen rondom de goede beweging op te zoeken (differentieel leren) leren de spieren op de juiste wijze te bewegen. Hardnekkige fouten kunnen effectief worden aangepakt met de old way-new way aanpak, zoals in het 5-staps leerproces is ingebouwd. Daarbij wordt de aandacht van de roeier gecocussed op het resultaat van de beweging (externe focus). Na de oefening wordt expliciet aandacht besteed aan het vertalen van het geleerde naar de roeibeweging (transfereren). Deze moderne technieken geven zowel een betere transfer (overdracht naar de roeibeweging als een betere retentie (vasthouden van het geleerde). 

Coaches die het modern motorisch leren als uitgangspunt gebruiken, merken in de praktijk twee grote verschillen:

  1. Ze werken met een gewijzigde set aan oefeningen. Oefeningen met een slechte transfer (bijvoorbeeld stopjes en roeien met ongedraaid blad) worden niet meer ingezet. Daarvoor in de plaats komen nieuwe oefeningen die gebruik maken van differentieel leren.
  2. Ze leggen andere accenten bij de oefeningen. Er is minder aandacht voor het door de roeier cognitief begrijpen van een oefening. De coach legt sterker de nadruk op ervaringsleren, waarbij de sensoriek (focus op...) en motoriek (differentiële aanpak ) van de roeier worden ingezet. De roeier leert om zelf feedback te verzamelen over de juiste uitvoering.

Meer leren over hoe je modern motorisch leren gebruikt bij je coaching? Check de Roeicoach opleiding niveau A van de Stichting Roeicoach.


Interveniëren Differentiële aanpak

De differentiële aanpak bij motorisch leren stelt het uitgangspunt ter discussie dat hoe vaker de ideale beweging herhaald wordt, hoe beter men in die beweging wordt. Deze aanpak gaat er van uit dat variaties tussen uitvoeringen noodzakelijk zijn om het brein uit te dagen en effectief te leren. Wetenschappelijk is aangetoond dat sporters op deze wijze tot tweemaal sneller leren!

In een differentiële aanpak probeer je de fout te corrigeren door heel veel verschillende variaties aan te brengen. Denk bijvoorbeeld aan het aanleren van de juiste rugbeweging door heel veel in te buigen en juist niet in te buigen. Door de inbuighoek van de rug te variëren wordt de juiste hoek gemakkelijker gevonden. Ook kun je bij het het differentieel denken aan het aanleren van een inpik door de watersnelheid kunstmatig te verhogen en te verlagen. Bijvoorbeeld door een rem achter de c-boot te hangen of juist in een dubbel acht plaats te nemen.

Onervaren roeiers beschikken niet altijd over de noodzakelijke spiercoördinatie om differentiële oefeningen direct in de boot te kunnen uitvoeren. In dat geval is het verstandig eerst op de ergometer te oefenen. 


 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

.